Executieve functies: Metacognitie

Metacognitie betekent dat je in staat bent om na te denken over het eigen denken. Anders gezegd: Je weet HOE je leert en je kunt jezelf ‘corrigeren’. Je zou ook kunnen zeggen dat je in staat bent om over je eigen schouders mee te kijken. (Wat werkt?, Wat weet ik al? Wat kan ik nog anders doen?)

Het is een belangrijke vaardigheid om efficiënt te kunnen leren. Als je weet HOE je leert, kun je daar je leerstrategie op richten. Je kunt dan je eigen kennis en vaardigheden bewust inzetten bij het oppakken van bepaalde taken.

Als je een grote activiteit hebt voorbereid, bijvoorbeeld een groot tuinfeest aan het einde van het schooljaar, dan is het goed om van tevoren een moment in te plannen om te kijken of echt alles goed geregeld is. De hulp van ervaringsdeskundigen kan daarbij zeer welkom zijn. Vragen die je hierbij kunt stellen zijn: “Heb ik overal aan gedacht?”, “Is er nog iets nodig?” en “Wat doen we bij onvoorziene omstandigheden?”

Wat kunnen ouders en kinderen doen om metacognitie te ontwikkelen?

Kinderen die graag bouwwerken maken van Lego zullen eerst moeten bekijken welke steentjes ze nodig hebben. Dan moeten ze bedenken hoe ze het bouwwerk het best kunnen maken en dat vergelijken met de ‘bouwtekening’. Als ze dan een deel klaar hebben is het goed om te evalueren of alles volgens plan is verlopen en goed is gelukt. Op deze manier werkend en evaluerend zullen ze in staat zijn om steeds ingewikkeldere bouwwerken te maken.

Kinderen die graag lezen zullen beginnen met makkelijke boeken. Vaak zullen ze enthousiast vertellen over de boeken die ze hebben gelezen of er tekeningen van maken. Naarmate ze ouder worden en nieuwsgierig zijn om meer over bepaalde onderwerpen aan de weet te komen zullen ze zich af gaan vragen HOE ze de dingen hebben geleerd en op zoek gaan naar andere bronnen om informatie te verzamelen. Te denken valt hierbij aan Internet en apps op een telefoon.

Ouders kunnen de ontwikkeling van metacognitie bij hun kinderen stimuleren door ze uit te dagen door het stellen van vragen als ze iets niet weten. Bijvoorbeeld: “Hoe kun je deze taak het best oppakken?”, “Wat weet je al van dit onderwerp?” en “Hoe kun je deze taak de volgende keer anders, beter of slimmer aanpakken?” Als de kinderen het antwoord niet weten, dan krijgen ze een hint. Voor het aanleren van nieuwe dingen, bijvoorbeeld eten koken,  kunnen de ouders 3 stappen gebruiken: Eerst doe je het als ouder voor, vervolgens doe je het samen met het kind en tenslotte laat je het kind het zelf doen.

Als je kinderen leert goed na te denken over de uitvoering van taken en te evalueren wat ze nog anders of beter hadden kunnen doen zijn ze steeds beter in staat om taken goed aan te pakken.